Typische campinggasten? Marco de weerman, groene Lieke en pechvogel Peter komen je vast bekend voor:

De hele dag weerupdates van Marco de weerman

Het is me het weertje wel, hè!’ Vanonder zijn geruite paraplu bekijkt Marco hoe jullie in de stromende regen toch maar de voortent opzetten. ‘Jullie treffen het niet’, weet Marco, ‘het wordt niet meer droog vandaag’. Zover waren jullie ook. Op Buienradar trekt een oneindige wolk zo traag als dikke stront van west naar oost over het land.  ‘Ach, je moet maar zo denken, wat vandaag valt, valt morgen niet. Sterkte!’

Vorig jaar dreef je weg in de verzengende hitte van de Provence. Deze zomer vieren jullie Coronaproof vakantie in eigen land: drie weken op camping de Hertenheuvel, voorzien van alle toeters en bellen. Je weet in Nederland nooit waar je aan toe bent, met een overdekt zwembad, indoor speelparadijs en eetplein krijgt het klimaat weinig kans spelbreker te worden.

’Wat een weertje hè?’ In alle vroegte dringt Marco’s weersupdate door de kier van je caravanraam binnen. Je gluurt vanuit je gezellige bed onder het gordijntje door.

‘Zo is het, hollen of stilstaan’, praat Marco jouw buurman bij. Het blijkt onderdeel van zijn ochtendritueel, op de terugweg van de minisupermarkt waar hij zijn krantje en verse broodjes haalt.

Lees verder de complete column, die eerder verscheen 11 juli in Vrouw, het weekendmagazine bij de Telegraaf . Illustratie: Simon Weeda

 

Groene Lieke doet niet aan verspilling

Deze zomer vertrekken jullie naar een kleinere camping in eigen land, zonder uitgebreid recreatieprogramma, ingewikkelde plattegrond en golfslagbad. Je bereidt de kinderen voor op haperende wifi en een zwemvijver. Bij aankomst zwermen uit hoeken en gaten de vriendjes toe. En weg zijn je zoon en dochter, net als jouw twijfels over de campingkeus.

Als de vouwwagen staat en je tevreden samen onderuit wilt zakken met een drankje, duikt er een dame met een reusachtige glimlach op.

‘Jullie weten dat de camping autovrij is?’ Lieke blijkt jullie tijdelijke overbuurvrouw. Haar tent ziet eruit alsof hij uit de vorige eeuw komt, wat ook zo blijkt te zijn. ‘Wij hebben die vervuiler al jaren geleden de deur uit gedaan, dat voelt voor ons het beste.’ Ze kijkt jullie auto na die manlief ijlings afvoert naar de parkeerplaats. ‘Wij slaan onze kampeerspullen hier op, met de fiets is alles goed bereikbaar.’

Als je ’s ochtends wakker wordt en door de gordijntjes naar buiten gluurt, ontdek je Lieke en haar baardige man voor hun tent in kleermakerszit op het gras, hun ogen gesloten, de handpalmen reiken op de knieën naar de wolkeloze hemel. Ineens duikelt hun zoontje door de middenrits naar buiten. ‘Ik heb honger!’ galmt het over de nog stille camping. Lieke verdwijnt achter haar zoontje in de tent, baardman rekt zich uit en sjokt met wc-rol naar het toiletgebouw. Ook hij kan dus niet overweg met het flodderige ecopapier dat standaard in de wc’s hangt.

Lees verder de complete column, die eerder verscheen 18 juli in Vrouw, het weekendmagazine bij de Telegraaf . Illustratie: Simon Weeda

 

Peter de pechvogel heeft nooit eens mazzel

Zelden kiest Peter voor dezelfde camping, een tweede keer kan immers alleen maar tegenvallen. Maar vorige zomer had hij zo’n fantastische plek met uitzicht over het water dat hij dit jaar weer komt met zijn vrouw, dochtertje en caravan.

‘Dat heb ik weer’, zegt hij nog voor hij zich voorstelt. ‘Er blijkt een fout gemaakt in de reservering. Alleen deze staanplaats is nog over, nota bene naast het toiletgebouw.’ Zijn vrouw heeft inmiddels de mover in haar handen. ‘Kom Peet, we zetten de caravan met zijn rug naar het sanitair, dan hebben we er het minste last van.’ Dat ze vervolgens vanuit hun luie stoelen recht in jouw bedoeninkje kijken, is een gevalletje ‘heb jij weer’.

‘Gelukkig hebben we de haringen dit jaar mee.’ Peter mept energiek met de rubberen hamer op de aluminium pennen, de luifel aan de voortent rukt akelig ver jullie kant op.

‘Zijn dat niet de haringen van de campingbaas? Die wij vorig jaar geleend hebben omdat we ze vergeten waren?’ Zijn vrouw reikt hem een blikje bier aan.

‘Dat heb ik weer,’ Peter trekt het blikje open, ‘maar dát ben ik nu even vergeten. Anders zitten we weer zonder. En we hebben al zo’n pech met deze plek.’

Het lijkt wel of Peter geboren is voor het ongeluk. Neem de vrijdagbingo.

Lees verder de complete column, die eerder verscheen 25 juli in Vrouw, het weekendmagazine bij de Telegraaf . Illustratie: Simon Weeda